Route 14 – Oorlog in Eindhoven, Nuenen, Gerwen en Nederwetten

Route 14 – Oorlog in Eindhoven, Nuenen, Gerwen en Nederwetten
Zaterdag 15 augustus 2020
Afgelegd: 34 kilometer
Totaal: 814 van 1000 kilometer
Eerdere blogs van dit project op een rijtje: klik hier

De eerste route die ik honderd procent zelf moest samenstellen: in Eindhoven en Nuenen hebben ze gek genoeg nog geen fietsroutes met het thema oorlog. En dat terwijl hier zoveel te vinden is! Rechts mijn voorbereiding; hoe het afliep lees je allemaal hieronder, in mijn nieuwe blog. Ik gokte vooraf op dertig kilometer en kom aardig in de buurt; met 34 kilometer breng ik nu mijn totaal op 814 kilometer.

In Nuenen raakte ik voor het eerst in aanraking met de oorlog dankzij de tour die ik ooit deed met Edwin Popken van Battlefield Discovery, een militair historicus en geaccrediteerd slagveldgids. Ik schreef er eerder over in de blog over Son en Breugel.

De bevrijding en het geweld dat erbij kwam kijken, misschien wel het mooiste monument tot nu toe, de plek van het Sinti-kamp van Settela Steinbach (iedereen kent dé foto), begraafplaats Woensel, Band of Brothers plekjes in Nuenen, de bevrijding in Gerwen en Nederwetten en nog veel meer. Dit waren Eindhoven en Nuenen!

Gerwen

Ik begin vandaag in Gerwen, waar ik mijn auto parkeer bij de Oude Sint-Clemenskerk in het centrum van de kern. Vanuit Gerwen en Nederwetten fiets ik vandaag naar Eindhoven; ik eindig in Nuenen.

Donderdag 21 september 1944. Aan Britse eenheden de eer om het gebied rond Nuenen, Gerwen en Nederwetten te bevrijden en daarna door te trekken naar Helmond, via Stiphout. Tussen Nuenen en Gerwen stuiten ze op een flinke Duitse tegenstand en bij de strijd die volgt, raken verschillende geallieerde soldaten zwaargewond. De Duitsers waren met velen en toen het langzaam donker werd, werd besloten om de aanval de volgende ochtend voort te zetten. Die nacht trokken de Duitsers zich terug naar Helmond, achter de Zuid-Willemsvaart. Om zes uur begon het beslissende offensief en de opmars verliep nu vrij snel. Het was 22 september 1944. In de voormiddag werd het hele gebied bevrijd, inclusief Stiphout en het oostelijke deel van Helmond. De andere helft van die stad moest wachten tot na het weekend; alles daarover in mijn blog over Helmond.

Meer dan 75 jaar later is het wat rustiger hier, in dit dorpje met ongeveer 2.000 inwoners. Ik heb er maar één plek die ik even wil bezoeken: begraafplaats De Huikert. Er is een monument voor dorpsgenoten die in dienst van het vaderland zijn gestorven: twee mannen sneuvelden tijdens de strijd in Nederlands-Indië, militair Adrianus van Stiphout kwam om bij een bombardement in Rotterdam, op 10 mei 1940. Hij was in de Waalhaven, waar de mitrailleurstellingen stonden opgesteld van Adrianus’ onderdeel. Twee Duitse toestellen lieten hun bommen vallen en Adrianus raakte zwaargewond. Hij stierf diezelfde dag nog in het Zuiderziekenhuis aan zijn verwondingen en werd slechts 27 jaar. Op de begraafplaats verder veel prachtige graven van overleden dorpsgenoten met familienamen als Steinbach, Rosenberg, Schäfer en Grunholz. De Sinti-gemeenschap uit deze omgeving pakt uit als er iemand sterft. Ik zie afbeeldingen van gitaren en violen; na Volendam zou deze streek best wel eens de meest muzikale van het land kunnen zijn. Ik stuit overigens ook op het graf van Zyra Weiss, die in 2012 om het leven kwam door een misdrijf. De zaak was afgelopen zomer nog terug in het nieuws.

Ik verlaat Gerwen via het Laar en het Lankveld. Bij de kruising van de Broekdijk en de Evert de Vriesdreef hoort een verhaal. Een Britse bommenwerper met vijf Poolse soldaten, wordt op 28 augustus 1942 geraakt door afweergeschut van de Duitsers. De bemanning moet uit het brandende vliegtuig springen. Dat lukt echter alleen boordschutter Frankowski en commandant Antoni Kiewnarski. De andere drie, piloot Jan Pytlak, boordschutter Jozef Janik en marconist Feliks Gawlak, komen om als hun vliegtuig neerstort op de huizen aan Woenselsestraat in Eindhoven. Ik ben straks op de plek van de crash; vijf burgers verloren daar het leven en zeventien raakten er gewond (meer hierover verderop). Kiewnarski is terechtgekomen langs de weg van Nederwetten naar Nuenen. Daar wordt hij gevonden door plaatselijke politiemensen. Ontsnappen is geen optie: hij is te zwaargewond. Zo heeft hij zijn enkel gebroken. Na verzorging door een plaatselijke arts wordt hij door de marechaussee overgedragen aan de Duitse autoriteiten. Hij komt terecht in het beruchte krijgsgevangenkamp voor Brits en Amerikaans luchtmachtpersoneel Stalag Luft III bij Sagan, nu het Poolse Zagan. Hij wordt daar de leider van de Poolse gemeenschap. Al snel raakt hij betrokken bij diverse vluchtpogingen. De meest legendarische is op 24 maart 1944; deze poging werd later verfilmd in de topfilm The Great Escape (1963). Kiewnarski weet met 75 anderen via een tunnel uit het kamp te ontkomen en gaat op weg gaat naar het station, vermomd als arbeider. In Hirschberg, het huidige Jelenia Gora, stappen ze uit. Daar worden ze vrij snel opgepakt. Hitler is woedend over de ontsnapping en eist wraak. In totaal worden uiteindelijk vijftig van de ontsnapte gevangen op een lijst gezet om te worden geëxecuteerd door de GestapoEen van hen is Kiewnarski. Op 30 maart 1944 komen de beulen hem halen en wordt hij doodgeschoten. Hij is 43 jaar geworden.

Boordschutter Frankowski had overigens meer geluk. Hij kwam ongedeerd met zijn parachute aan de grond net buiten Woensel en wist, geholpen door burgers, de Belgische grens over te steken en in contact te komen met een pilotenlijn. Twee maanden later was hij weer terug in Engeland.

Er gebeurde veel in de bossen tussen Gerwen en Lieshout. Daarover schreef ik eerder in deze blog. Zo was er een onderduikershut van de brouwers van Bavaria; drie mannen brachten hier in relatieve luxe de oorlog door.

Ik maak wat foto’s bij het kruispunt en fiets door. Next stop: Nederwetten.

Nederwetten

Over Nederwetten ben ik helaas maar kort in deze blog. Ik heb online gezocht en er mijn boeken op nageslagen; ook op gebruikelijke bronnen als Traces of War kom ik weinig tegen over de oorlogsjaren in dit dorp of over de sporen die we nog kunnen vinden in 2020.

Bij de Sint-Lambertuskerk maak ik een foto en daar vind ik een goed informatiebord met enkele weetjes uit de oorlogsjaren. Zo is er door de oorlog toch veel verdwenen in de kern van Nederwetten. Zo werd de boerderijwinkel-café van Toon van Rooij vernield, net als het huis van Machiel Raaijmakers. Ik weet zeker dat er veel verhalen te vertellen zijn hier; wie me kan helpen, neem contact op of deel informatie via de reageermogelijkheid helemaal onderin!

Ik rij de Soeterbeekseweg in en mag die drie kilometer volgen. Vlak voor ik Nederwetten uit fiets, kom ik dan nog een herdenkingsbordje tegen in de tuin voor een woning. Op 8 augustus 1944 werden er hier wrakstukken gevonden van een geschutskoepel, niet ver hiervandaan werden de lichamen gevonden van de twee Britse boordschutters. Hun Lancaster was in de avond van 20 juli 1944 vertrokken met veel andere vliegtuigen, om een fabriek in Duitsland te bombarderen. Die nacht ging het mis boven Boxtel; de bemanningsleden maakten geen kans. In memoriam, staat er op het bordje. Sergeant Reginald Pecy Naylor en Sergeant Arther Forster Marshall. Ze waren 35 en 19 jaar oud.

Eindhoven: Woensel

Ik kom Eindhoven binnen bij de Willem Hikspoorsbrug. Mooi verhaal. Op 19 september lanceren de Duitsers vanuit Nuenen een tegenaanval op de geallieerden, die vanuit Eindhoven willen oprukken naar Arnhem. De Duitsers zoeken naar wegen om Eindhoven en Son te bereiken en moeten daarvoor ergens de rivier de Dommel oversteken. Een van de mogelijkheden is deze brug. Ze sturen een verkenningseenheid met vijf halfrups-voertuigen om te kijken of de brug de Duitse tanks kan dragen – voertuigen van 48 ton. Maar dan komen zij tuinman Willem Hikspoors tegen. Willem was tuinman op het landgoed Soeterbeek en had meteen door wat de Duitsers van plan waren. Hij wist ze ervan te overtuigen dat de brug het niet zou houden. Ze maakten rechtsomkeert, terug naar Nuenen. Bij dat moment redde hij ook de zoon van de jonkheer, die door de Duitsers voor een spion werd gehouden omdat hij een camera om zijn nek had. Hij bluft zich uit de penibele situatie en helpt de Duitsers zelfs nog bij het achteruitrijden. Willem kreeg voor zijn koelbloedige optreden een onderscheiding en de brug werd in 1984 naar hem vernoemd. Het verhaal is hier te horen via een luisterzuil van Liberation Route Europe.

Op 18 september 1944 trokken de geallieerde legers Eindhoven binnen, als onderdeel van operatie Market Garden. De stad was een van de eerste bevrijdde steden in Nederland. Het gebeurde een dag na de grootste luchtlandingsoperatie die de wereld ooit gekend had (meer erover in de blog over Son) en daar waren ze dan, de soldaten van het 506e regiment van de 101ste Airborne Divisie (bekend van de serie Band of Brothers). Ze liepen via Woensel naar het centrum van de stad. In de avond arriveerden ook tanks van de Irish Guards van het Tweede Britse leger, via het zuiden. Ze waren iets later dan gepland, omdat zij bij Aalst door de bezetter waren tegengehouden. Een 11-jarige getuige: “Eén Amerikaan liet mij trots de inkepingen in de kolf van zijn geweer zien, voor elke Duitser die hij zelf had doodgeschoten.”

Ik heb een heel lijstje met locaties die ik één voor één bezoek en ik ga van noord naar zuid. Ik begin bij het viaduct waar de John F. Kennedylaan en de Airbornelaan elkaar kruisen. Hier is het Airborne-monument, onthuld in 1969 door twee veteranen van de Amerikaanse 101e Luchtlandingsdivisie. Het monument ligt vlakbij de plek waar de Amerikaanse troepen de Eindhovense gemeentegrens passeerden; later is de gemeentegrens meer noordelijk komen te liggen. Bij twee zitbankjes ligt een gedenksteen tussen de tegels: ‘Op 18 september 1944 begon hier de bevrijding van Eindhoven’. Aan de straatkant staat een houten bord met het ‘Screaming Eagles’-embleem van de 101e Luchtlandingsdivisie. Verderop in het plantsoen de prachtige gedenksteen, waarop in reliëf een kaart is aangebracht met parachutes op de plaats waar de luchtlandingen plaatsvonden. Op twee plaquettes informatie en de namen van de gesneuvelde soldaten. Al met al een prachtig monument. Je raast er honderd keer voorbij als je op de John F. Kennedylaan richting Ekkersrijt en Tilburg rijdt; ik had veel eerder even moeten stoppen ter hoogte van de Airbornelaan.

Er vond geen grote veldslag plaats op 18 september, maar de Duitsers gaven Eindhoven toch niet zonder slag of stoot prijs. Er is een markeringskei op de Vlokhovenseweg, niet ver van het Airborne-monument. Een Duitse sluipschutter neemt hier de Amerikaanse troepen onder vuur en maakt verschillende slachtoffers. Op de Woenselsestraat, niet ver van de Onze-Lieve-Vrouw van Lourdeskerk waar ik nu voor sta, stonden twee 88 mm kanonnen opgesteld, een gevreesd Duits luchtafweer- en antitankgeschut. De Amerikanen werden even tot staan gebracht, maar na een omtrekkende beweging werden de kanonnen buiten gevecht gesteld. Eindhoven was bevrijd. Rond 12 uur die middag was er een eerste radiocontact tussen de Amerikanen en de Britten. De boodschap: ‘De staljongens hebben contact gemaakt met de geveerde vrienden’.

Ik rijd via de Geestakker naar het zuiden. Tijdens de oorlog was de Woenselsestraat een stuk langer. Hier, waar nu enkele flats staan, moet ongeveer de plek zijn waar het vliegtuig van de vijf Polen neerstortte op 28 augustus 1942 – ik schreef er hierboven over, onder de kop Gerwen. Ik kon de plek aardig lokaliseren omdat het op deze lange straat gebeurde tussen de Beekstraat en de Eckartse Heiweg. Dat moet ongeveer hier geweest zijn – je ziet hier een foto direct na de crash. Een drama voor diverse gezinnen. Neem de familie Van Liempt: beide ouders sneuvelden deze nacht, maar ook twee dochters. Drie zonen bleven alleen achter. Een dertienjarige buurjongen overleed ook direct; zeventien raakten gewond door de crash.

Op weg naar de Woenselsestraat fotograaf ik diverse straatnaambordjes. In Eindhoven eren ze hun bevrijders: ik zie onder meer de Winston Churchulllaan, de Generaal Bradleylaan, het Generaal Taylorpad, de Generaal Marshallweg en de Veldmaarschalk Montgomerylaan. Door de Woenselsestraat rijd ik naar de Frankrijkstraat. Hier fotografeer ik een bijzonder huis; het staat er omringd door gras, alsof de andere woningen in het straatje zijn afgebroken en ze alleen deze hebben laten staan. Een prachtige muurschildering siert de zijgevel. Het verhaal. In de oorlog woont op Frankrijkstraat 40 het gezin van Hajo en Nora Bruining. Hajo werkt voor Philips en blijkt in het geheim mee te werken aan het verzet. Vanaf 1943 duikt de Joodse arts Betty Levi onder op dit adres. Weer een jaar later staat ineens de Sicherheitsdienst voor de deur. Ze doorzoeken het hele huis; Hajo is net op tijd verstopt in een kleine ruimte onder de vloer. Ook dochter Annette helpt mee: ze ligt met TBC in bed maar weet nog op tijd een zender van haar vader bij haar voeten te verstoppen, net als zijn warme pantoffels. De mannen doorzoeken de rest van het huis en wanneer ze ook de zolderkamer van Betty Levi betreden, vertelt Nora gauw dat Betty de kinderjuf is. Betty ligt in bed te slapen en alleen haar blonde krullen steken boven de dekens uit. De SD trapt erin en gaat naar buiten. Nog lang wordt er buiten gewacht, maar dan gaan de Duitsers weg. En een dag later duikt Hajo onder bij het Rijks Krankzinnigengesticht; hij kent de directeur ervan. Betty vindt een nieuw onderduikadres; ze zal haar leven lang contact blijven houden met de familie Bruining.

Op naar de Oorlogsbegraafplaats van het Gemenebest Eindhoven-Woensel. Ik voegde de locatie pas toe op het laatste moment, ik was hem bijna vergeten. En dat terwijl ook hier weer een bijzonder mooie plek gecreëerd is waar onze bevrijders op een eervolle manier herdacht worden. Ik ben de laatste weken al op veel van dit soort begraafplaatsen geweest; anders is hier dat de oorlogsgraven op veldjes liggen naast velden met algemene graven van Eindhovenaren. Ik zie onder meer het graf van oud-burgemeester Herman Wittel; ik zie dat ook zijn vrouw onlangs op hoge leeftijd is overleden. In Woensel liggen 686 oorlogsslachtoffers. Het gaat om 570 Britten, vijftig Canadezen, 38 Australiërs, negen Nieuw-Zeelanders, een Zuid-Afrikaan, vier Nederlanders en veertien Polen. Ik zie onder meer het graf van Antonie den Hartog, die op 11 mei 1940 om het leven kwam bij gevechten aan de Zuid-Willemsvaart bij Someren. Hij werd 31 jaar oud.

Eindhoven – Centrum

Op de kop van de Veldmaarschalk Montgomerylaan treffen drie mannen voorbereidingen voor de Lichtjesroute, die elk jaar begint na de viering van de bevrijding van Eindhoven. Een route van zo’n twintig kilometer met allemaal kunstwerken van licht; een deel ervan heeft te maken met de oorlog. Op de eerste foto hieronder deze creatie, met een kaart waarop de opmars van de geallieerden wordt verbeeld, van Normandië tot Eindhoven. Ik neem me voor om de route dit jaar te fietsen, over dik een maand. Nu fiets ik om het NS-station van Eindhoven heen, een gebouw van na de oorlog. Ik ben nu in het centrum van de stad.

Operatie Oyster bracht Eindhoven ontzettend veel leed. Hij werd uitgevoerd door 94 vliegtuigen van de Britse Royal Air Force. Het gebeurde op 6 december 1942, op klaarlichte dag, en staat ook wel bekend als het Sinterklaasbombardement. Het bombardement was gericht op de Philipsfabrieken op Strijp S en aan de Emmasingel. Philips was in de jaren dertig uitgegroeid tot een van de grootste bedrijven van Nederland en het kreeg de opdracht om radioapparatuur te produceren voor de Duitsers. Dit zorgde ervoor dat het bedrijf een doelwit werd voor de geallieerden. Veel van de bommen troffen echter andere doelen: winkels, woningen, kerken en het Binnenziekenhuis. Er vielen zo’n 150 doden. Philips werd weliswaar beschadigd, maar het bedrijf had zich binnen zes weken herpakt en draaide weer als vanouds. De binnenstad was een grote ravage. De Demer, de hoofdstraat van Eindhoven, was een open, lege vlakte. Jos Coppen is 6 en woont in de Nieuwstraat, boven de banketbakkerij van zijn ouders. “Ik kon van mijn huis zo de Philipstoren zien. Alles was geraakt, behalve dat wat de Engelsen wilden raken.”

In het boek van Brabant Remembers las ik het verhaal van Jos Coppen. Net als andere kinderen zette hij de avond ervoor zijn schoen. Sinterklaas schonk hem een klein tafelbiljart met echte ivoren balletjes: 6 december begon fantastisch. Ze gaan naar oma en willen daarna naar kennissen op de Demer gaan. Toen begon het oorverdovende lawaai. Ze kwamen met de schrik vrij; dat was mogelijk anders geweest als ze eerst naar de kennissen waren gegaan. Gelukkig waren zij ook ongedeerd, maar hun hun was er niet meer. Ook de banketbakkerij en de bovenwoning aan de Nieuwstraat waren vernield. Zijn vader bracht Jos het enige dat teruggevonden werd in de ravage: drie ivoren biljartballetjes, gekregen van Sinterklaas.

Bij mijn blog over onder meer Lieshout had ik het kort over Adriaan Rooijmans, een man uit dat dorp die net vier dagen in het Eindhovense Binnenziekenhuis lag met een hersenvliesontsteking. Hij had minder geluk bij het bombardement van de Britten en vond de dood. Het ziekenhuis stond waar nu het overdekte winkelcentrum Heuvel staat; het ziekenhuis verhuisde in 1973 en werd het Catharina Ziekenhuis.

Ik fiets door de Nieuwstraat. Het is druk in de stad: zaterdagmiddag, mooi weer, vakantie. Waar de banketbakkerij was, is nu Fair Play Casino gevestigd. Op naar de Lichttoren aan de Emmasingel, de Philipstoren die de zesjarige Jos na het bombardement kon zien vanuit zijn huis. Ik ga via het 18 Septemberplein, een prachtige plek met moderne eyecatchers zoals winkelcentrum Piazza, de glazen blob en de ondergrondse fietsenkelder. Fonteinen spuiten op onregelmatige momenten hun water de hoogte in, kinderen hebben er veel plezier mee. Mooiste plek van deze stad. En dan doemt achter de blob de mooie Lichttoren op. Een zevenhoekige, witte toren uit 1921 waar ooit de kantoren van Philips zaten; nu is het een woon-, werk- en ontspanningscomplex. Er schijnen fantastische lofts te zijn hier; kijk maar eens hoe Memphis Depay hier ooit woonde.

Aan de voet van de statige toren staat, enigszins verstopt, een van de mooiste monumenten die ik zie tijdens dit hele project. Het Oyster-monument, ter nagedachtenis aan de tragedie van 6 december 1942. Het gaat om een bronden beeld in de vorm van een oester op een witte, stenen pilaar. De oester is geopend en binnenin is een gebombardeerd stadsbeeld van Eindhoven te zien: ik zie verwoeste huizen, mensen in paniek, ik zie de Lichttoren en de Catharinakerk. De buitenkant van de oester is gehavend, het bombardement wordt verbeeld door het gat in de bovenzijde. Het monument werd onthuld in 2011 en ik kan er een uur naar kijken. Complimenten aan kunstenaar Peter Nagelkerke.

Via fabrieksgebouw de Witte Dame rijd ik naar de Keizersgracht. Hier, op de hoek met de Vrijstraat, fotograaf ik de poort van wat in de oorlogsjaren het belangrijke postkantoor was; hier zat ook de telefooncentrale. Als de Amerikanen en de Britten met elkaar contact zoeken op 18 september 1944, gaat dit via medewerkster Joke Lathouwers, die hier op de centrale werkt. Het gebouw was belangrijk voor het Eindhovense verzet en werd goed bewaakt, ook nog als de Amerikanen al door de stad lopen. Ik zie op deze website een foto van verzetsman Theo van den Bogaard, hij staat onder de poort die ik nu fotografeer. Van den Bogaard zou niet lang na deze foto om het leven komen door Duitse kogels; het is op deze bevrijdingsdag al het tweede slachtoffer van de verzetsorganisatie PAN (Partizanen Actie Nederland). Over die tweede man zo meer.

Ik fiets voorbij de Sint Catharinakerk, op de kop van de Stratumsedijk. Precies vandaag stond er een ridicuul idee in de krant: een verkennend onderzoek om de kerk tientallen of misschien wel honderd meter op te tillen om er een woongebouw onder te bouwen. De Catharinakerk is prachtig zoals ie is. Hij is opgeleverd in 1867 en dus nog relatief jong. In 1942 en 1944 werd de kerk zwaar beschadigd door bombardementen. Er zijn enkele prachtige foto’s van Amerikaanse militairen die op de betonnen trappen voor de kerk uitrusten. Als ze om zich heen keken op dat moment, zagen ze veel blije Eindhovenaren. Een dag later, op de 19e, werd deze omgeving zwaar beschadigd bij bombardementen van de Duitsers (zo meer hierover). Onder meer boekhandel Van Piere, dat nog steeds bestaat, werd verwoest. Een muur aan de Achterom (achter de Kerkstraat/Rechtestraat) herinnert nog aan de bombardementen van 19 september 1944 (zie dit artikel). Online vind ik een mooie Schadekaart met bebouwing die gesloopt moest worden in Eindhoven.

Door naar het Stadhuisplein. Het is er stil vandaag, een jongen oefent met zijn skateboard; een actie op zo’n skatetoestel is altijd fotogeniek. Op dit plein staat het oorlogs- en bevrijdingsmonument uit 1954; een beeldengroep van mannen met neergebogen hoofden. Om het beeld heen zijn granieten blokken geplaatst met daarop alle namen van Eindhovense oorlogsslachtoffers, en dit zijn er nogal veel. Om precies te zijn 1097; ongelofelijk. Goed dat ze hier genoemd worden; de blokken werden in 2013 geplaatst. De gesneuvelden zijn onderverdeeld in vijf groepen. Militairen en burgers in militaire dienst, verzetsmensen, joodse inwoners, in de stad omgekomen inwoners en elders omgekomen inwoners. Op het monument zelf een tekst: ‘Gij die hier staat – Gedenk hun dood – Hun offer groot – Voordat gij gaat’.

Eindhoven – Stratum

Bij het Van Abbe Museum een nieuwe markeringskei. Een tragische vergissing, staat er op het informatiebordje. Het verhaal. De Amerikaanse militairen van het 506e regiment van de 101e Luchtlandingsdivisie hadden de opdracht Eindhoven in te nemen en onmiddellijk de vier Dommelbruggen veilig te stellen. “We can’t waste any time to kill Germans” – met deze woorden maakte kolonel Sink, de commandant van het 506e, heel duidelijk dat er geen tijd meer was te verliezen. Na de Duitse weerstand op de Vlokhovenseweg en daarna op de Woenselsestraat (zie eerder in deze blog) wisten de Amerikanen de bruggen te bereiken. Maar de bevrijding van Eindhoven eiste ook bij de Eindhovenaren zijn tol. Enkele verzetsmensen werden gedood, waaronder Adri Luijkx die bij vergissing door een Amerikaanse parachutist werd neergeschoten. Hij was naast Theo van den Bogaard het tweede slachtoffer van verzetsgroep PAN; heel tragisch is natuurlijk dat Luijkx om het leven kwam door Amerikaanse kogels. Luijkx werd maar 26 jaar.

En weer een markeringshei: ik zie er in totaal drie in dit deel van Eindhoven. Ik heb hulp nodig van het internet voor ik hem gevonden heb op de hoek van de Stratumsedijk, de Elzentlaan en de Sint Jorislaan. Niet gek: planten hebben de hele kei overwoekerd, alleen het informatiebordje is nog te zien. Op 18 september 1944 maken Amerikaanse parachutisten op dit plein, bij de Sint Joriskerk, fysiek contact met de Britse grondtroepen. Op dat moment is Eindhoven bevrijd. Steeds meer mensen gaan de straat op en verwelkomen hun bevrijders met een overweldigend enthousiasme. De feestvreugde was hier en daar zelfs zo groot dat de opmars van de geallieerden erdoor werd vertraagd, want de Eindhovenaren wilden hun bevrijders op alle mogelijke manieren bedanken. Na ruim vier lange jaren van onderdrukking was de ontlading enorm. Op veel Amerikaanse parachutisten die erbij waren, heeft dit een blijvende en diepe indruk gemaakt.

Op 19 september, een dag na de bevrijding van Eindhoven, vond er nog een Duits bombardement plaats waarbij 227 doden vielen. Op de Biesterweg kreeg een met mensen volgepakte schuilkelder een voltreffer. Ik vind op de kop van deze straat de derde markeringskei van stadsdeel Stratum en die gaat natuurlijk over deze tragedie. Die avond verschenen er bommenwerpers van de Duitse Luftwaffe boven de stad. Het ging hen om de doorgangsroutes van het Britse legerkorps: Aalsterweg, Stratumsedijk, Stratumseind, Rechtestraat, Wal, Emmasingel, Hertogstraat en omgeving. De Britse voertuigen konden geen kant op. Voertuigen geladen met munitie en brandstof explodeerden. Overal ontstonden grote branden. Het aantal slachtoffers onder de burgers was enorm. Hier op de Biesterweg vonden 41 mensen in hun schuilkelder de dood. Ongelofelijk: een dag eerder hebben ze nog staan juichen toen de bevrijders arriveerden.

Pas na 21 september verschoof de gevechtslinie naar het noorden en kon Eindhoven zich pas echt bevrijd voelen.

Ik fiets weg van het centrum, in de richting van de Geldropseweg.

Settela Steinbach

Op 14 mei 1944 ontvingen de Nederlandse politiekorpsen een bevel uit Duitsland: “[…] eener centrale aanhouding van alle in Nederland verblijvende personen die het kenmerk der zigeuners bezitten”. Op dinsdag 16 mei 1944 vond de razzia plaats, waarbij meer dan 550 Sinti en Roma werden opgepakt. Uiteindelijk zijn er 245 zigeuners gedeporteerd.

Ook een jong meisje uit Eindhoven trof dit lot. Samen met haar familie werd ze drie dagen na de razzia van Kamp Westerbork naar Auschwitz-Birkenau gedeporteerd, waar ze ook zou sterven. Vlak voor het vertrek in Westerbork stak het meisje voorzichtig haar hoofd tussen de deuren van de goederenwagon naar buiten. In opdracht van de kampcommandant maakte de Joodse gevangene Rudolf Breslauer die dag een film over het transport. De nieuwsgierigheid van het meisje werd gewekt door de camera en Breslauer ving haar blik op zijn film. Het meisje droeg een witte hoofddoek – je ziet een afbeelding hieronder. Niet veel later vertrok de trein richting Polen.

Zeven seconden lang zie je haar op de beelden naar buiten kijken. Haar naam? Onbekend. Tot 1994. Journalist Aad Wagenaar begon een onderzoek naar haar identiteit en ontdekte dat er in de gefilmde trein twee wagons waren die Nederlandse Sinti vervoerden. Via via stuit hij op Settela Anna Maria Steinbach. Geboren onder een woonwagen op 23 december 1934 in het Zuid-Limburgse Buchten. Haar vader was handelaar en violist op kermissen en dorpsfeesten. Op 16 mei 1944, werd ze in Eindhoven opgepakt en in kamp Westerbork werd ze kaalgeschoren. Hier schaamde zij zich voor en daarom droeg ze de witte hoofddoek.

Met een leeftijd van slechts 9 jaar overleed Settela in Auschwitz. Net als Anne Frank had ze er geen idee van dat ze zou voortleven in documentaires, boeken en exposities.

Ik moest even zoeken naar de locatie van het kamp waar Settela Steinbach woonde in Eindhoven. Het blijkt te gaan om woonwagenkamp De Zwaaikom, aan het Eindhovens Kanaal: oude foto’s hier. Ik fiets achter de DAF-fabrieken langs en rijd anderhalve kilometer langs het kanaal. Ter hoogte van de Eindhovensche Studenten Roeivereniging Thêta moet het zijn. Op 16 mei 1944 kwamen hier twee vrachtwagens het woonwagenkamp oprijden. De bewoners van het kamp werd gesommeerd om in hun woonwagen te blijven. Stiekem keken zij door de gordijnen en zien hoe de familie Steinbach in vrachtwagens werd gesmeten: de de moeder, twee zoons, drie dochters waaronder Settela, een tante, twee neefjes en een nichtje. Het huilen en schreeuwen van de kinderen maakte een diepe indruk op de kampbewoners.

Van de uit Nederland gedeporteerde Sinti en Roma overleven slechts 31 personen de Holocaust. Volgens schattingen zijn tijdens de Tweede Wereldoorlog meer dan een half miljoen Roma en Sinti vermoord.

Eindhoven – Tongelre

Ik moet naar Nuenen fietsen en kom daar het snelst via stadsdeel Tongelre. Dat komt mooi uit, want hier heb ik nog een laatste locatie in Eindhoven.

Ik fiets via nieuwbouwwijk Berckelbosch en ben in hartje Tongelre binnen tien minuten. Op ’t Hofke staat het oude raadhuis. We waren hier destijds ook met slagveldgids Edwin Popken van Battlefield Discovery. Hij vertelde dat hier het hoofdkwartier was van het Amerikaanse 506e regiment van de 101ste Airborne Divisie; vanuit hier werden verdere acties ondernomen. De drie compagnies D E en F werden in de omgeving ondergebracht; E betrof de mannen die bekend werden door Band of Brothers. Het oude raadhuis is het voormalige gemeentehuis van Tongelre, een mooi pand uit 1911. Het is sinds 1957 in gebruik als buurthuis en wijkcentrum. Ernaast staat een van de oudste woonhuizen van Eindhoven, uit 1584, en ik zie dat het te koop staat. ’s Avonds kijk ik even op Funda; het moet ongeveer een half miljoen kosten en ik denk dat de verbouwing hetzelfde moet gaan kosten. Maar dan heb je wel een heel bijzonder rijksmonument.

De soldaten bleven in Tongelre tot 22 september, de dag waarop Nuenen, Gerwen, Nederwetten, Stiphout en de helft van Helmond bevrijd werden. Ik vind hier nog een foto van de Amerikaanse paratroopers in Tongelre.

Via de Wolvendijk rijd ik vervolgens Eindhoven uit. Op naar Nuenen.

Nuenen

Het peloton van luitenant Dick Winters, bekend van Band of Brothers, kreeg op 19 september 1944 opdracht om een verkenning uit te voeren. Een dag eerder was Eindhoven bevrijd, nu was het tijd om andere dorpen te bevrijden. Via Geldrop wilden ze naar Helmond trekken. Onderweg kregen ze aanwijzingen dat de Duitsers een aanval aan voorbereiden waren. De Amerikanen gingen terug naar Tongelre. In Geldrop was er nog wel een lekker biertje; daarover schreef ik in deze blog. Op deze dag wilden de Duitsers via Nuenen terug naar Eindhoven trekken; zie eerder in deze blog over de heldhaftigheid van Willem Hikspoors.

Op woensdag 20 september kregen de paratroopers opdracht om samen met zestien Shermann-tanks van het Britse 44ste Royal Tank Regiment, via Opwetten naar Nuenen te gaan. Ze zijn niet op de hoogte van de aanwezigheid van de Duitse pantserbrigade in Nuenen. Rond half twaalf is er een hevig grondgevecht in het dorp, met artillerie- en mitrailleurvuur. Er sneuvelen soldaten, zowel aan geallieerde als aan Duitse zijde. Op een bepaald moment ondernemen vier Amerikanen een actie; het gaat om David Webster, Donald Hoobler, Roy Cobb en Robert van Klinken. Zij stormen door een heg om een stelling te bereiken vanwaar ze een Duitse tank zouden kunnen uitschakelen. Robert wordt getroffen door een vuurstoot van een mitrailleur en raakt zwaar gewond. Hij kan nog door Hoobler worden teruggesleept. Later op die dag overlijdt Robert van Klinken in het bijzijn van David Webster aan zijn verwondingen.

Ik fotografeer twee panden met zichtbare kogelgaten in de gevels, op de Europalaan en de Geldropsedijk. Het pand aan de Europalaan, waar we destijds ook stonden met slagveldgids Edwin Popken van Battlefield Discovery, stond in juni nog in de steigers. Gelukkig zijn de sporen van de Tweede Wereldoorlog nog steeds goed zichtbaar.

’s Avonds google ik op die Nederlandse naam. Bazookaschutter Robert van Klinken, overleden in Nuenen, op 25-jarige leeftijd. Hij ligt begraven in Margraten. Heemkundekring Nuenen schreef een mooie biografie over de man, de pdf is hier te vinden. Tip: lees dit erg mooie artikel van Hans Korpershoek. Ik gebruik de tekst ook als bron voor deze paragrafen over de Nuenense bevrijding. Wat blijkt? Ongeveer 30 jaar voordat Robert werd geboren, emigreerde zijn grootvader met zijn gezin vanuit het Groningse Vlagtwedde naar Amerika. Ze gingen waarschijnlijk via New York eerst naar Texas, maar vestigden zich definitief als pioniers in het gebied van de Rocky Mountains in de staat Washington. Hij is een automonteur als hij in augustus 1942 zijn militaire dienstplicht moet vervullen. Zo komt Robert van Klinken via de invasie op 6 juni 1944 in Normandië en de dropping in Son, uiteindelijk in Eindhoven en omgeving terecht. Ik lees in de genoemde biografie dat hij zelfs Nederlands zou hebben gesproken bij de Eindhovense Lichttoren, op 18 september.

De eenheid onder leiding van luitenant Winters wordt gedwongen zich terug te trekken. Na het invallen van de duisternis gaan ze terug naar het kamp in Tongelre. In totaal zijn bij de actie zes soldaten omgekomen: de twee Britten van de tankbemanning en van de Easy Compagnie behalve Robert van Klinken, ook nog William Miller, Vernon Menze en James Miller. Daarnaast zijn er negen soldaten zwaar gewond geraakt. En Nuenen is nog steeds in handen van de Duitsers. Gelukkig zou het dorp nog voor het weekend alsnog bevrijd worden.

Op de hoek van de Europalaan en de Parkstraat staat het mooie monument Wederopstanding is Bevrijding, onthuld in 1994. Het gaat om een geopende sarcofaag, uitgevoerd in natuursteen. Op de deksel is een reliëf van een vlag en feestvierende mensen aangebracht. Achter de sarcofaag staat een gemetselde muur, waarop een plaquette is bevestigd. Bij het monument bevinden zich twee zitbanken met daarop teksten: het 44e Royal Tank Regiment en het 506ste Parachute Infanterie Regiment. Achter de bankjes ligt nog een mooie plaquette in het groen, met de namen van de gesneuvelde Amerikanen van E Company. Ook Robert van Klinken wordt genoemd. Nuenen herdenkt hier ook 29 Nuenense militairen die elders zijn omgekomen en geallieerde militairen die op Nuenens grondgebied zijn gesneuveld. Ook twaalf burgerslachtoffers worden middels dit monument herinnerd.

Als ik me omdraai zie ik hoe de rotonde hier heet. Het Bevrijdingsplein.

Door naar het park van Nuenen, een geweldig mooie plek. De terrasjes nodigen uit om een biertje te drinken, maar ach, ik ben bijna aan het einde gekomen van deze route en thuis ligt er genoeg in de koelkast. Er zijn geen gevechten geweest in dit park, dat tegenwoordig gevuld staat met prachtige beelden die onder meer herinneren aan Vincent van Gogh. Wie Band of Brothers kijkt, zou echter denken dat er hier wel degelijk gevochten is in september 1944. Soms verdraait Hollywood de werkelijkheid… In Band of Brothers is onder meer Café Schafrath te zien, ik fotograaf het mooie pand uit 1895. Een ander historisch pand, Park 65 uit 1914, werd kennelijk zo mooi gevonden dat de makers van de serie het op geweldige wijze namaakten op de set. Het is duidelijk te zien in aflevering 4 van de serie. Ik kan deze video op Youtube aanraden: de maker bezoekt net als ik diverse plekken in Nuenen die te maken hebben met de serie. Dankzij deze Joey van Meesen kom ik ook op het gebouw aan de Geldropsedijk, waar ik zojuist oorlogsschade aan de gevel fotografeerde.

Ik maak een foto van het standbeeld van Vincent van Gogh en kom erna op de Berg ook nog het museum Vincentre tegen en de woningen van Van Gogh en zijn vriendin, pal naast elkaar. Ik zie bordjes langs de kant van de weg en ik moet me ervan weerhouden om ze allemaal te bekijken; die Van Gogh-fietsroute doe ik binnenkort nog wel een keer. Nuenen doet er goed aan om Vincent zo te omarmen; hadden ze veel eerder moeten doen.

Langs windmolen De Roosdonck fiets ik Nuenen uit, terug naar Gerwen. Het zit erop voor vandaag. Het waren 34 mooie kilometers en ik ben trots op mijn eigen fietsroute. Ik heb genoeg gezien en veel geleerd!

In mijn auto rijd ik nog wel even terug naar Nuenen. Er is veel te zien over de oorlog en over de beroemdste inwoner van het dorp. Maar ik zag ook een ijssalon. Dat ijsje heb ik verdiend.

Comments

  1. Gerrit hoffmann zegt

    Ik spreek geen Engels maar de site is schitterend mooi werk gemaakt .

    Wie is Perry v .d meulen ?

    G.Hoffmann Gerwen

    • Perry Vermeulen zegt

      Engels? De site is volledig Nederlands 🙂
      Ik ben Perry Vermeulen, de persoon die al die fietsroutes fietst, foto’s maakt en erover blogt 🙂
      Dank voor je compliment!

  2. Tonny Pruijmboom zegt

    Wist u dat het station van Eindhoven, op een van de foto’s, een Philips radio uit beeld?

    • Perry Vermeulen zegt

      Hoi, moest even googlen, ik heb daar eerder ooit iets over gelezen. Ik citeer ED:

      Veel mensen denken dat de façade van het Eindhovense station is geïnspireerd door een oude Philipsradio. Dat is niet zo. Philipstoestellen met zo’n model waren er begin jaren vijftig niet. (…) De gewone Eindhovenaar noemde het station echter al snel De Radio en sloot het onder die benaming in zijn hart.

Trackbacks

  1. […] tot de 1.000 kilometer te komen moet ik eindigen met twee eigen routes. Net zoals ik ook de route Eindhoven/Nuenen onlangs zelf uitzette. En toen stuitte ik tot mijn verwondering op een prachtig boekje, vorig jaar […]

Speak Your Mind

*